Arjan van Erp.JPG

Melkveehouder Arjan van Erp uit Midwolda

 Om het onderzoek rondom DNA praktisch te houden is een aantal veehouders geraadpleegd over de mogelijke toepassingen. Melkveehouder Arjan van Erp uit Midwolda is er één van. "Het is een 'must' dat onderzoek en praktijk samen werken, dan help je elkaar verder."

Arjan heeft als lid van de European Dairy Farmers (EDF) en van de fokkerijraad van CRV veel interesse voor het onderzoek naar genomen. "Het gaat zeker veel betekenen voor de melkveehouderij. We gaan gegarandeerd gensignalen gebruiken op de bedrijven." De veehouder zegt ze eigenlijk al dagelijks te gebruiken: "Bij elke wisseling van rantsoen of overgang naar een ander stuk weiland moeten koeien schakelen en dus hun DNA ook. Het verklaart waarom sommige koeien makkelijker met wisselende omstandigheden om kunnen gaan, dan andere koeien." Het produceren van Campina Merkmelk is ook zo'n voorbeeld: "Met het voeren van Nutex zet je genen aan het werk die de omega-3 vetzuren produceren." Alhoewel de materie ingewikkeld is, denkt hij wel dat de praktijk er wat mee kan. "Het maakt wel helder waarom er verschillen tussen koeien zijn." Naast de genomic selection verwacht hij nog meer van de gensignalen, omdat ze handvatten leveren om in de praktijk het management bij te sturen. Hij is zelf enthousiast over de mogelijkheden voor het bepalen van dracht aan de hand van gensignalen. "Het zou mooi zijn als we met een simpel testje dit al na 3 weken kunnen controleren en geen 5 tot 6 weken hoeven te wachten. Het drachtig worden is één van de belangrijkste succesfactoren op melkveebedrijven."

"Gegevensverzameling is cruciaal om gensignalen te kunnen vinden".